Steeds meer mensen reizen in april, mei, september en oktober. Het voor- en naseizoen is het nieuwe hoogseizoen: milder weer,

Hoogseizoen is nu het voor – en naseizoen

Het hoogseizoen, de drukke maanden juli en augustus. Nu wordt het voor- en naseizoen steeds vaker gezien als het nieuwe hoogseizoen. Waar april, mei, september, oktober ooit rustig waren, zijn ze nu bijna net zo druk als juli en augustus.

Het idee van een “voor- en naseizoen†in reizen vervaagt steeds meer. Het traditionele hoogseizoen bestaat bijna niet meer. Veranderingen in werkpatronen, het klimaat en boekingsgedrag zorgen ervoor dat de traditionele pieken en dalen in de reisagenda vervagen. De veranderende bevolkingssamenstelling. Meer reislustige ouderen en het groeiende aantal stellen zonder kinderen zijn niet meer afhankelijk van de traditionele schoolvakanties.  Ging je buiten de schoolvakanties op vakantie dan was het meedeinen met de grijze golf. Die vergelijking gaat niet meer op.

Hybride en remote werken spelen hierin ook een belangrijke rol. Werknemers hebben meer vrijheid wanneer en waar ze werken, ze zijn minder gebonden aan schoolvakanties of enkele piekweken in de zomer. Hierdoor spreidt de vraag zich gelijkmatiger over het jaar. Aantrekkelijke prijzen buiten het hoogseizoen maken het bovendien logisch dat veel reizigers hun zomervakantie inruilen voor een trip in het voor- of naseizoen.

Ook klimaatverandering krijgt steeds meer invloed. De aantrekkelijkheid van het milde klimaat van het voor- en naseizoen speelt nu vaker mee. Wie wil er vakantie vieren bij 40 graden hitte. Vorige jaar was in in september op Kreta en de hotelier wist mij te vertellen dat hij grote veranderingen ziet bij de vakantiegangers in juli en augustus. Voorheen gingen ze na de lunch in de schaduw op het strand liggen en bestellen drankjes. Nu gaan ze na de lunch langs de supermarkt voor wat snackjes en gaan een paar uur naar de hotelkamer met de airco en Wi-Fi verbruiken, ‘Mijn energierekening is extreem hoog door dit gedrag’. Aldus de Griekse hotelier.

Reizigers boeken vaak later en kiezen bewust voor perioden buiten het hoogseizoen om extreem weer te vermijden. Daarmee wordt het voor- en naseizoen steeds meer de norm in plaats van de uitzondering.

Voor de reisindustrie heeft dit grote gevolgen. Het voor- en naseizoen is niet langer een aparte categorie, maar onderdeel van een constante en groeiende vraag. Natuurlijk blijven pieken bestaan rondom schoolvakanties en grote evenementen, maar de spreiding van reizen over meer maanden zorgt voor een stabielere stroom van reizigers. Voor hotels en luchtvaartmaatschappijen betekent dit minder scherpe fluctuaties en een prijsklimaat dat gelijkmatiger blijft.

We bewegen dus van het klassieke voor- en naseizoen naar een meer gelijkmatiger reisgedrag het hele jaar door. – goed nieuws voor reisverkopers. Maar misschien minder goed nieuws voor wie hoopte buiten de traditionele zomermaanden rustigere vakanties te vinden.